Vietnam, zomer 2016

Zomer 2016, Vietnam


 

Een reisje uitstippelen
Een vel papier, een lange lijn. Vertrek naar op 30 juli erop, vertrek van erop. En dan puzzelen.
Wat al vast stond was het retourtje Ho Chi Minh City (HCMC), het vroegere Saigon, in het zuiden van Vietnam. Maar omdat Vietnam een gigantisch langwerpig land is, moest er een vlucht van HCMC naar Hanoi in het noorden bij.
En dan waren er de niet te versmaden highligts: Ha Long Bay, het hoge noorden, de bergspoorlijn bij Hue, Hoi An, Dalat, de Mekong Delta.
Hoe dan verplaatsen? Wat is een fijne mix van vliegen, trein, bus?

Foto: Zo doe ik dat: een vakantietijdlijn.

Het werd:

  • vliegen naar HCMC, daar een nachtje vlakbij het vliegveld slapen en meteen door naar Hanoi
  • vanuit Hanoi per bus naar het oosten (Ha Long Bay) en weer terug naar Hanoi
  • vanuit Hanoi met een bus retour naar het noorden, naar Sapa. Dat lukte door de regenval niet (de weg was weg). Daarom werd het een "stammendorpje" in het westen
  • vliegen Hanoi -> Hue
  • met de bergtrein stapvoets van Hue naar Da Nang, per bus verder naar Hoi An
  • de dagafstand Da Nang naar Nha Trang per comfortabele trein
  • vliegen van Nha Trang naar HCMC
  • per bus van HCMC naar Ben Thre in de Mekongdelta
  • terug naar HCMC met de bus (wilde eigenlijk een vrachtschip, maar dat bleek moeilijk, moeilijk).

De vertrekvlucht was vanaf Dusseldorf, via Abu Dahbi met Etihad. Vergeet die luchtvaartmaatschappij maar en vooral de droefenis in Abu Dahbi.
Toegift was dat de bagage verdween en het tijdens de eerste trip vanuit Hanoi ondergoed wassen in de wasbak werd.

 

Geuren en kleuren

Wat heerlijk is aan Aziatische landen, zijn de geuren en kleuren op straat. Het is in de steden een drukte van belang, een kakafonie van geluiden en indrukken.
Vietnamezen houden van bloemen. Die zijn, in maaltijden uitgedrukt, nogal duur, maar toch zie je veel mensen met bloemen in de weer.

De fiets, en ook het juk met manden, zijn onmisbare transportmiddelen. In nauwe straten met veel mensen op de been begin je ook niet zoveel met een auto.
De gevlochten punthoedjes die je in de vakantiefolders ziet, bestaan echt. Heel veel mensen dragen zo'n ding tegen de brandende zon.

 

Fantastisch lekker eten!

Wat ook heerlijk is van Aziatische landen, is het verrukkelijke eten. Zelfs op straat boven een kolenvuurtje en zonder kruidenkast, worden heerlijke gerechten gemaakt.
Lekker gekruid, verse componenten, niet te vet, veel groente die tegen rauw aan zit. En Vietnam is veel hygienischer dan India of China, dus krampachtig doen over geschild fruit of glazen water met ijsblokjes hoeft er niet.
Er wordt ook met stokjes gegeten, al krijg je als buitenlander vaak ongevraagd mes en vork. Dat is de dienstbaarheid waar je in Vietnam mee wordt overspoeld. Want wat zijn de mensen ongelooflijk behulpzaam en vriendelijk.

 

Dwars door de stad loopt het spoor
In Hanoi loopt de spoorlijn naar Ho Chi Minh City dwars door de stad. De trein gaat stipt op tijd, maar doet dat maar een paar keer per dag.
De was drogen op het baanvak, daar spelen of eten koken, is dus geen probleem. Er is zelfs een stukje waar op de rails een markt gehouden wordt. De trein kondigt luid toeterend haar passage aan en als ze voorbij gereden is, begint het leven op de rails weer.

Van de website van de spoorwegen: "The railway from Hanoi station to Ho Chi Minh (Saigon) station is 1726 Kilometers.
There are 4 trains including SE1, SE3, SE5 and SE7 (which belong to Reunification Express train) on this route.
They depart every day and lost about 34 hours (From Hanoi to Saigon).
The types of seats include the hard seat ($50), the soft seat, the hard berth (6 berths) and the soft berth (4 berths) ($90), called cabin"

 

Op een luxe boot in Ha Long Bay

Een must-see is Ha Long Bay. Dat is een grote baai met tientallen puntvormige bergjes die uit het water oprijzen. Ha Long Bay is erg in trek bij toeristen. Ook Vietnamezen komen er graag, bijvoorbeeld voor hun huwelijksreis.
De mooiste (en eigenlijk enige) manier om de baai te bezoeken is per boot. Die heb je in verschillende klassen en omdat het prijsverschil te overzien is, kun je het best een duurdere boot kiezen. Dat kost het dubbele van een goedkope boot, maar reken je de kosten terug naar euro's, dan valt het wel mee.
De cruise was zoals die moet zijn. Traag, relaxed, lekker eten, een beetje zwemmen en peddelen. Op de foto zie je dat de kooi erg comfortabel was. Met buiten binen handbereik en een fijne eigen badkamer. Verwennerij!

Rechterfoto: Als je goed kijkt (op de wazige foto), zie je dat Beer mee is.

 

Waterrijk Vietnam
Vietnam heeft een enorm lange kustlijn en in het noordoosten en het zuiden (de Mekong) is het water wat de klok slaat.
Brede rivieren, baaien, rijstvelden - water is altijd dichtbij. De Vietnamese wateren zijn visrijk en met al dat water zie je dus veel vissersbootjes, transportschepen waarop ook wordt gewoond, woonboten, ferries. Die ferries, public transport, zien er goed uit. Maar ik kan me voorstellen dat regelmatig een overvolle oude vrachtboot naar de kelder gaat.

 

Rijstvelden rond Hoi An

Het hoofdvoedsel van de Vietnamees is rijst. Vietnam staat in de top-5 rijstproducenten van de wereld. Al die rijst moet ergens groeien - dat zie je overal.
Door het vochtige en warme klimaat, in combinatie met de vruchtbare bodem, kunnen meerdere rijstoogsten per jaar gemaakt worden. Drie keer is gemeengoed.
De foto's hierboven zijn gemaakt tijdens een mooie fietstocht rond Hoi An. Dorpjes, sawa's, waterbuffels... Schitterend!

 

Keizerstad Hue
Tot 1945 was Hue de hoofdstad van het ongedeeld Vietnam. Het was de stad waar de keizers woonden, met een universiteit, keizerlijke graven.
De stad heeft het in de Vietnamoorlog verschrikkelijk zwaar gehad. Hue lag op de grens van Noord- en Zuid-Vietnam en de Amerikanen schuwden geen enkel geweld om de noorderlingen te grazen te nemen. Napalm, fosfor- en clusterbommen - ze hebben het in Hue allemaal gehad.

De prachtige paleizen van de keizers werden door de Amerikaanse cultuurbarbaren niet ontzien. Het eeuwenoude keizerlijk paleis kreeg te maken met "tapijtbommen". Een regen van bommen, uitgeworpen vanaf veilige hoogte, vaagt dan alles op de grond weg. Zo trokken de Amerikanen brede sporen van vernieling door de uitgestrekte paleisomgeving.
Allemaal voor niks - leert de geschiedenis. De VS werden in de pan gehakt door de Vietnamezen en het communisme waar we bang voor gemaakt werden in het westen, bleek een zegen voor de Vietnamezen. Gezondheidszorg, openbaar vervoer, wegen, onderwijs - het is in Vietnam goed voor elkaar. Communistische Vietnam toonde zich vergevingsgezind, gastvrij en is niet te beroerd allerlei te produceren voor haar bvroegere bezetters.

 

Brrrrrroemmmmm
Ik heb niet voor niets een motorrijbewijs - maar in Vietnam was men daar niet benieuwd naar. Je kunt overal voor weinig geld een 125cc motortje huren inclusief een veelgebruikte helm. Gewoon die helm opzetten en bij terugkomst haren wassen.
Het verkeer is druk, maar men rijdt niet roekeloos of ondoordacht. Er zijn verkeersregels en die functioneren.

De keizerlijke graven en wat boeddhistische tempels met pagodes, laten zich met een motortje makkelijk bezoeken. De grootste uitdaging is je pruttel terugvinden tussen de vele, vele andere prutteltjes. Maar de oppasser herkent je en het aanwijzen van jouw pruttel hoort nog bij het bewaken van je apparaat voor een grijpstuiver.

 

Nha Trang
De stranden van Nha Trang kunnen zo de folders in. Daar staan ze trouwens ook in, vooral in Russische folders. Die Russische toeristen zie je dan ook veel in Nha Trang.
Sommige restaurants serveren Russische gerechten en dito porties. Veel voor weinig en een beetje smakeloos.

De brede zandstranden van Nha Trang zijn geweldig - als je van stranden houdt (en ik geef niks om strandliggen).
Toch is er een uurtje gebakken in de hete zon.

De mevrouw van het hotel in Nha Trang had de dienstbaarheid waar ik eerder over repte. Ze informeerde vooraf naar de bus naar het vliegveld, liep mee naar de halte en keerde pas terug naar haar hotel toen de bus weer reed. Zwaaien natuurlijk. Wat een hartverwarmende hartelijkheid.

 

Kokosplantages in de Mekong-delta

Via HCMC ging het met de bus naar een van de Mekong-eilanden. De delta is honderden kilometers groot en voor het echte Mekong-gevoel moet je toch wel een eindje naar het zuiden. Op het tweede grote eiland ligt Ben Thre. Een klein stadje aan een enorm brede bruine rivier. Volgens de Lonely Planet was het hotel aan de overkant de beste keus en dat geloof ik ook wel. Een fijne kamer, zwembad, schaduwrijk terras, behulpzaamheid.

Ook hier huurde ik een motorfiets om wat eilanden te verkennen. Een (motor)-fiets is op veel plekken op de eilanden ook het enige vervoermiddel dat je gebruiken kunt.
De "grote" weggetjes zijn net breed genoeg voor een tuktuk, maar de meeste paden kun je alleen per tweewieler nemen. Best eng trouwens, met je motorfiets over een plank een kanaaltje oversteken. En daarna nog een keer en weer een keer.

Het waterrijke Mekonggebied is erg vruchtbaar. In de omgeving van Ben Thre zie je vooral bananen- en kokosnotenplantages. Allemaal kleinschalig. Transport van de producten is geen probleem met zoveel breed vaarwater.
Met een bootje maakten we een rondje en deden wat fabriekjes aan: een snoepjesfabriek (toffee-achtige zoete rechthoekjes met kokospoeder) en een verwerkings"bedrijf" van kokosnoten.

Dat was wat zeg! In het bos stonden kerels de noten uit hun doppen te halen met grote messen. De noten werden daarna doorkliefd, ook een mannenbaantje, waarbij het water opgevangen werd. Vervolgens zaten kinderen en oude vrouwen met scherpe "lepels" het vruchtvlees eruit te scheppen.
Het was een hele productielijn, waaraan tientallen mensen werkten. Niet het mooiste werk en ik vermoed erg slecht betaald.

 

Nog even in Ho Chi Minh City
HCMC is een heel andere stad dan Hanoi. Ik vind de laatste leuker, met nog veel Franse allure, de vele stadsbrouwerijen, de ruimte op straat.
In HCMC moesten de souvenirs gekocht worden. Dat werden kruiden, wonderlijke snacks en snoepjes en wat namaak-"merk"-artikelen. Ik kocht een dagrugzakje en een buideltas.
Volgens mij was de rugzak iets van 4,00 en de buidel pakweg 2,50 euro.

Het vliegveld was goed te bereiken. Wat werkt dat OV prima in Vietnam. Wat ook goed werkte, was mobiel internet en de beschikbaarheid van engeltalige websites om allerlei te boeken.
De trein- en vliegtickets, hotels, alle uitspanningen - alles kon via internet makkelijk gergeld worden. En dat (spotgoedkope) internet werkte overal fantastisch. Op de meest afgelegen plekken goede 3G.