Australië 2001 (2)


Klik hier voor de eerste Australië-reis in 2000
Klik hier voor de tweede Australië-reis in 2001
Klik hier voor de derde Australië-reis in 2002

Reis-2, 2001

Vooral naar het Westen!

De eerste reis voltrok zich vooral in het oostelijk deel van Australië. Het is daar veel bevolkter dan in het Westen en als je "het echte Australië" zien wilt, moet je toch echt naar de Outback, naar de gebieden waar de ontdekkers van het land, de Nederlandse opvarenden van Het Duifken, in 1616 landden. In Perth staat het standbeeld van Dirk Hartog en in Fremantle kun je een replica van zijn schip bekijken.
De enige plaats waar je intercontinentaal op kan aanvliegen is Perth, een mooie welvarende, groene en ruime stad met een heuse downtown met winkels en kantoren. Die winkels gaan trouwens al om half zes dicht en dan is er niks meer te beleven - wat nou "stad".

In Perth werd meteen de kleine jet van Qantas naar Broome gepakt.

Broome, het stadje van de parelvissers, ligt aan de afgelegen noordwestkust van Australië. Het is ruim 2300 km naar Perth en ruim 1800 km naar Darwin. Broome heeft zijn bestaan te danken aan de grote hoeveelheid parelschelpen die hier voor de kust werden gevonden. Het aan de westzijde gelegen prachtige hagelwitte strand staat bekend als Cable Beach. Bij dit 30 km lange strand kwam de telegraaf kabel aan land die Australië met Engeland verbond. Bij Gantheaume Point, vlakbij Cable Beach, zie je bij laag water de meer dan 120 miljoen jaar oude voetafdruk van een Dinosaurus.

Broome is een soort oase aan zee in een woestijngebied waar Nederland een paar keer in past. Broome staat bekend om zijn stairway to heaven, een ribbeltjesstrand dat lijkt op een trap. Bij laag water weerspiegelt de zon op de natte ribbels en zou je een oneindige trap kunnen fantaseren. Het is typisch het soort attracties dat Western Oz je biedt; voor veel van die attracties moet je weinig Efteling-ervaring hebben, want dan vind je er weinig aan.

 

The Great Sandy Desert

Sla 'm over, was de tip van de Rough Guide. De weg door de woestijn is bloody boring.
Dat klopt niet. Inderdaad gebeurt er honderden kilometers niks. Je hobbelt met je Landcruiser door het rode hete zand. Er groeit toch op veel plekken meer dan je verwachtte: kleine lage dorre heideachtige struikjes. Als het waait is het een stuifboel. Ik zou zeggen: prachtig, fascinerend!

Voor het rijden in het Westen, bijvoorbeeld door de Sandy Desert heb je echt een sterke auto nodig. De Nissan Poptop van de eerste reis zou hier niks klaarspelen. Je kan dan wel van Noord naar Zuid, maar bent gedoemd de geasfalteerde kustweg te nemen.
Eenmaal in Perth gaat het met een two-wheeldrive moeizaam verder naar het Zuiden. Margareth River en Albany zijn nog te doen, maar wil je het binnenland in, dan moet dat echt met een vierwielaangedreven auto, een 4x4, ook wel 4WD genoemd. Op veel plekken is die zelfs voorgeschreven!

 

Cape Range National Park

Fantastische koralen die je snorkelend kan overzwemmen, whalesharks, manta rays, dolfijnen, humpback whales, - je komt het tegen in Ningaloo Marine Park, onderdeel van Cape Range NP dat uitkomt op het Ningaloo Reef.
Je kan er snorkelsetje huren en dat is een echte aanrader. In Cairns moet je kilometers uit de kust voor zeeanemonen en koralen, hier is het honder meter van het strand. Je loopt een stuk en zwemt met de stroming mee over het rif. Fantastisch!
Aan land krioelt het van de kangoeroes en ook emoes zie verschillende malen. Dit is een heel mooie plek met campingspots op het strand. Je zet er je camper neer en genieten maar.

 

Sharkbay en Monkey Mia

De meestbezochte plekken liggen aan de kust. Het zijn natuurparken of anderszins natuurontmoetingen.
Wie West Australë bezoekt. gaat naar de Pinnacles (zie onder) en waarschijnlijk ook naar Monkey Mia. Er is niet zo veel te beleven in West Australië. Wie zoekt naar spektakel en grootschalig vermaak, kan zowiezo beter naar het Oosten gaan (of gewoon naar Disneyland-Parijs - scheelt een dag vliegen).
In Monkey Mia kan je dolfijnen aaien. Als je tenminste uit de groep gekozen wordt. De truuk is simpel: al jaar en dag voeren de mensen van de Monkey Mia camping de dolfijnen op vaste tijden. En daar komen die beesten dan wel (en vanzelf) op af. Zo makkelijk je eten krijgen - dat is natuurlijk super. Nu zit er wel wat in het verhaal dat die paar visjes peanuts zijn voor een dolfijn en dat het ze echt om contact en nieuwsgierigheid gaat. Maar toch blijft het een rare bedoening zo stel toeristen met een juf in het water die dolfijnen ontdooide haring voert..
Als je liever niet meedoet met een groep en gewoon ergens op het strand zit, komen verdwaalde dolfijnen ook naar je toe - dat is wel leuk.

 

Pinnacles

De plaag van het Westen zijn de bushflies. Hele zwermen vliegen die ook soms nog steken, verpesten je lol. Of, als anderen last van de vliegen hebben en jij niet, bezorgen ze je lol.

In het Nambung National Park, ten noorden van Perth in Western Australia, vind je een bizar maar erg bijzonder landschap: de Pinnacles. Je kunt dit gebied het beste omschrijven als een zanderig stoppelveld van duizenden kalkstenen pilaren en naalden die soms wel 5 meter hoog zijn. De vroege Hollandse zeevaarders geloofden in eerste instantie dat ze hier te maken hadden met een ruïne van een stad. Later kregen ze door dat het pilaren van fossiele plantenresten zijn.
Op de foto zie je een horde toeristen die net uit hun bus gedropt zijn. Die bus kan het parcours in het Pinnacles-zand niet afleggen. Dus moeten de passagiers te voet het natuurlijke menhirveld dat Pinnacles is, in.
De horde toeristen sloeg met alles wat ze hadden om zich heen. Truien werden over het hoofd getrokken, Het was een erg komisch gezicht vanuit de Yota met de ramen goed dicht en de airco aan. Af en toe de ruitenwissers aan om nog wat te zien.

 

"Road Flooded" en "Watercrossing"

Zoals je al zag zijn lang niet alle wegen netjes geasfalteerd.. Je moet soms over smalle bruggetjes en ook wel ontbreken die - je mag dan een watercrossing nemen; de diepste met paaltejs gemarkeerd. Dat vond ik erg leuk en we reden er soms op. De kaart doorvlooien op Floodways en Crossings was een favoriet activiteit.
Het verschil is dat een Floodway overloopt in de lengte en doorgaans droog staat en een crossing echt een oversteek op een ondiepe plek is.
De crossing op de foto hadden we niet mogen nemen - dat vertelde een boze ranger die dreigde met fines en een penalty. In zo'n geval is de aanwezigheid van een lief lachend vrouwspersoon van doorslaggevend belang. Bij deze ranger tenminste wel; nooit meer op dit verboden terrein komen, gevaarlijke stroming enzo.

 

Sterling Ranges National Park

Dan sta je wel even gek te kijken.
Zo'n Hollandse korenmolen net buiten het prachtige Sterling Ranges NP!
Nederlanders - dat moet wel. En inderdaad. Deze molen is een replica van de thuismolen in Puttershoek. Je kan er Hollandse koffie drinken en in een winkeltje Nederlandse producten kopen, zoals pindakaas, drop en hagelslag. De koffie smaakte heerlijk. Als je drie weken onderweg bent en alleen oploskoffie gedronken hebt, is een bakkie Putterhoekse pleur een traktatie!

 

Rottnest

Dirk Hartogh liep er ooit rond. op Rottnest. Hij zag er de rare dikke beestjes die opmerkelijk tam waren en vond het een dik soort rat. Omdat er zoveel van die '"ratten" rondliepen, noemde Dirk het eiland: Rottenest. Zo heet het nog steeds en Rottnest is een populaire bestemming voor Aussies die een nachtje of een weekeindje wegwillen.
Het eiland ligt 19 km voor de kust bij Perth en is ongeveer autovrij. Hét vervoermiddel is de fiets en die past prima bij het formaat van het eiland. Je fietst het in een dag rond.

De "ratten" zijn quokka's. Ze komen in een klein aantal nog ergens op het vasteland voor, maar op Rottnest zit de grootste pupulatie van deze unieke buideldieren.
Quokka's zijn heel erg aardige dieren die je verse topjes van een soort conifeer kan voeren. Daar zijn ze dol op. Je doet ze ook een lol met een handje water - zoet water is schaars op het eiland.

Op de foto rechts zie je me tussen die leuke quokka's!

 

Een Toyota Landcruiser kan alles

Wat een geweldige auto, die Landcruiser. Je ziet 'm heel veel rijden in de Outback.
Er zijn ook wel Jeeps en Landrovers, maar die houden het veel minder lang vol en blijken minder betrouwbaar.
Bekijk de foto's eens. Kun je je voorstellen dat je zo een dag aan het ploeteren bent? En dan weer een dag? En nog eentje?

De Toyota is voorzien van een radiobaken. Dat is een kastje met maar één knop. Uit wat erop staat kun je opmaken dat je als je die knop indrukt, je zsm gered wordt door de Flying Doctors en het leger. En natuurlijk staat er ook op, wat voor verschrikkelijks ze met je gaan doen als je voor de gein dat knopje indrukt. Da's echt Oz, dreigen met de ergste penalties. Maar je voelt je met het radiobaken in je beresterke Landcruiser met 180 liter diesel en 120 liter water in de tank echt niet onveilig.

 

Terug in Perth, een beetje afkicken

Perth is geen wereldstad, maar toch wel een echte stad en eigenlijk de enige stad van heel West Australië. De eerstvolgende stad is Adelaide, 2200 kilometer verderop.
Het openbaar vervoer in Perth wordt onderhouden door de gratis Cats, een lijn met rode bussen en een lijn met blauwe bussen. Op de haltes zit een knop die de paal laat vertellen hoe lang het nog duurt voor de eerstvolde Cat aankomt. Handig hoor!
Perth telt 1,1 miljoen inwoners. Het centrum van Perth bestaat uit moderne hoogbouw maar ook uit historische huizen en kerken uit het midden van de vorige eeuw. De Swan River, die dwars door de stad stroomt, bepaalt voor een groot deel het stadsbeeld. Langs de oevers zijn parken en boulevards aangelegd.

West Australië is echt dunbevolkt en alles is erg kleinschalig.
Vanuit Perth kan je een stukje naar het Zuiden met de trein, maar da's ook alles. Het is er jong en nieuw.

Bij het hotel kon je fietsen lenen. Dat was leuk, op de helm na - die is in Oz verplicht voor fietsers.