Zetten

Zetten

Zetten, wat ben je mooi
In elke vakantie
als ik weer de kans zie
trek ik naar het midden des lands
Want daar onder bomen
ligt Zetten te dromen
te dromen van vroeger en thans

Dorpje in de Betuwe
Mijn eerste echte huis stond in Zetten. In kwam er terecht nadat, maaaanden na een (afgewezen) sollicitatie iemand van de Christine Hermine School (CHS) me belde om te vragen of ik nog zin in een baan had. Nou dat had ik wel.
De school was wel leuk en bezat drie internaten: het Witte Huis, het Christine Hermine Huis en het Lentehuis. In de laatste woonden nog maar een stuk of tien meiden en wat niet lekte was in principe bewoonbaar. Ik betrok een kamer in een soort personeelsvleugel.
Het Lentehuis stond op het terrein van de Heldring-gestichten. Die Heldring had twee kolonies voor ontspoorde jongeren (en alleenstaande meisjes/moeders) opgericht. In Rekken stonden de gestichten voor jongens en in Zetten was de afdeling dames. Ooit was alles Heldring&friends wat de klok sloeg. Je had die gelovige Heldring van de gestichten en Vluchtheuvelkerk-dominee Pierson met zijn vrome brave dochter Christine Hermine die een christelijke school voor meisjes van eenvoudige komaf begon. In Hemmen zetelde de familie van Lynden - ook een naam met de stichting verweven en de kerkelijke reveil-beweging. Er was het "Lyndens fonds voor Kerk en Zending". Allemaal vergane glorie.

Toen ik in Zetten kwam floreerde de Heldring-stichting (dat klonk beter dan gesticht) nog welig. Er was een eigen MLK-school waar ook de pupillen uit de gesloten omgeving vertoefden en de betere pupillen (zo noemden ze) mochten naar de CHS, tussen de buitenmeisjes. Maar de glorietijd van het Reveil was natuurlijk voorbij.
Ik had een zwak voor die Heldring-meiden; tussen wal en schip geraakt zonder schuld. Zomaar ontspoord omdat de ouders ontspoorden. Ik had er dan ook last van dat het vaak verkeerd afliep met ze. Ze ontvluchten de inrichting en kwamen op de wallen terecht. Verbijsterd en woedend was ik, toen uitlekte dat de grote psychiater F van de Heldring-gestichten niet met z'n vuile gore tengels van die meisjes kon afblijven, iets waarvan ook de dorpsdokter werd beticht (Ik ken 'm - het zou me niet verbazen). Dat weglopen van die meisjes krijgt dan een heel andere context. Ik baal er nog steeds van, dat ik de voorzichtige signalen die ze uitzonden niet goed opving. Astrid, je verdween vlak voor je examen; je was onze succesleerling, ik knokte voor je, wat gebeurde er? Bah-bah-bah

Dialect
Het betuws dialect is niet zo moeilijk, maar toen ik er net was begreep ik soms echt niet waar ze het over hebben. Sommige woorden hebben een betuws alternatief dat nergens op lijkt:
Box - broek, Keuje - varken, Beest - koe, Duk - vaak, Zeit - zegt, Djernje - meisje, Frollie - vrouw(en), Eigens - zelf Als je achter elke zin "woh" zegt klinkt dat ook heel betuws. ('k Het 't oe ah dukker ezeit, wedde ge wel, woh?!'}

Als je zin hebt in het dialect, zoek dan maar 's naar het boekje dat vriend Frits van Eck uitgaf met verhalen van zijn vader. Frits' vader was de recalcitrante PvdA-wethouder van de gemeente Valburg., maar ook de notaris die de notaris-villa bewoonde en in een sportwagen rondreed. Toch zo rood als een kroot en helemaal van God los, net als zoonlief Frits, waarmee ik toen ik in Zetten woonde bevriend was en samen met hem kaas en wijn maakte, alcohol stookte en wereld-verbeter-acties voerde. De korte betuwse verhoaltjes staan in het boekje "Vad'je van Valburg vertelt", van W.F van Eck.
Daantje Viergever was ook zo'n folkloristisch figuur. Het was de collega aardrijkskunde op de CHS. Daan was betuwnaar in hart en nieren en erg populair als een betuwse "buutreedner" die op feestjes een soort Vad'je-verhaal ophing.

A15 en Betuwelijn
Vrijgezelle Daantje woonde met zijn moeder in de Wageningsestraat vlak naast CHS-directrice juffrouw Obbink. Haar mooie jaren-30-huis (en ook dat van Daantje?) moesten tegen de vlakte voor de betuwelijn. Die betuwelijn was de zoveelste dramatische verandering in het betuwse landschap in pakweg 30 jaar.
Eerder ging de lome slaperige Betuwe op de schop voor de A15 en de A50. Tientallen huizen werden afgebroken en het riviertje de Linge gekanaliseerd. Twee brede drukke en lawaaierige snelwegen kwamen ervoor terug. De volgende ingrijpende verandering was het europese land- en tuinbouwbeleid. Dat koste heel veel fruitboeren de kop en leverde kaalslag op. Ik heb zoveel mooie boomgaarden zien sneuvelen (en stookte er ondertussen goed van).
Tweemaal achtereen wateroverlast en een ontruiming kondigde grote dijkverzwaringen aan. Ook daarvoor sneuvelden veel fruithout, knotwilgen, dijkhuisjes en boerderijtes. Eeuwenoude kolken werden gedempt, lemen kronkeldijkjes werden robuuste brede zanddijken. En dan is er tenslotte die (nutteloze?) betuwespoorlijn. Weer gaat alles op de kop en sneuvelt er veel. Al-met-al ken k de Betuwe niet meer terug. Jammer hoor.